.jpg)
Visreizen naar Noorwegen, IJsland en
Denemarken
Gespecialiseerd in Sportvisreizen en Duiktours
===========================================================
"Kvernepollen / Sotra"
==========================================================
Kvernepollen 31-7-09 tot 7-8-09
Marc Borst/Petra de Boer
Onze eerste Noorwegen-visvakantie was fantastisch. We hebben een week gevist vanaf Kvernepollen. Mijn vriendin Petra, die eigenlijk nauwelijks vist maar het -zeker vanaf een boot- wél erg leuk vindt en ik, fervent zeevisser, soms als opstapper naar de wrakken met een kotter mee, meestal in het IJmuiden-gebied, soms Europoort-gebied, kunstaas, bodemvisserij, zomer en winter. We hadden samen in het buitenland al eerder vanaf een bootje op zee gevist.
En...we hebben goed gevangen en alleen maar genoten van de
locatie!
Al de eerste middag voeren we voor het eerst
uit om wat rond te kijken en met succes een hengeltje uit te
gooien. Pollakfiletjes voor ons eerste vis-diner en makreeltjes
als aas in de vriezer voor de volgende dag. Mijn wens was om
elke dag een andere soort zelfgevangen vis te eten. En het is
gelukt. We zijn nooit met een 0 thuisgekomen. Pollak, heek,
lom, leng, koolvis en schelvis hebben op met menu gestaan. De
makrelen hebben we niet gegeten, die vingen we voor het aas.
Andere soorten waren lipvis, hondshaai en steenbolk. Petra
heeft (natuurlijk!) de grootste vis gevangen (eerste leng: 97
cm, 4,5 kg). Mijn grootste vis was m’n eerste heek (82 cm 4,2
kg). Tien verschillende vissoorten, zoveel vang je er niet gauw
vanaf een Hollandse kuststek, ook niet als je twee weken lang
gaat vissen.
We gingen niet voor de grote aantallen of vele kilo’s filet voor
‘mee naar huis’ (zoals zoveel Duitse collegavissers in de goed
uitgeruste fileerruimte met daarbij een vriezer voor elk
appartementje ). Wij gingen na deze week nog een weekje
rondtrekken met ons tentje, we konden dus niets meenemen. Wij
gingen voor de ervaring om met je eigen open bootje op zee te
vissen en voor nieuwe soorten. En uiteraard is het formaat van
de vis in Noorwegen ook lekker een tikkie groter.
Petra: “Ik had geen idee waar ik aan begon, maar ik heb genoten.
Het heeft wel wat van een weekje skiën. De hele dag buiten en
lekker actief bezig. En elke keer een bonk lood met een flinke
vis eraan vanaf 100 meter diepte naar boven draaien is -zeker
voor de eerste keer- toch flink sporten. De boot schommelt..de
meeuwen krijsen...je hengel staat krom... Het moment dat je in
het heldere water de wit/ bruine ronddraaiende schim te zien
krijgt die steeds groter wordt...Wat is het?...Hoe groot? Hebben
we deze al?....leuk hoor...”
Het materiaal (lood-, ruim onderlijnen- en kunstaasassortiment),
dat we bij Raffie en Linda hebben gehuurd, was compleet. Het
grote voordeel van huren is dat je alleen betaalt wat je
gebruikt en extra materiaal kun je gedurende de week via Raffie
weer aanvullen. Scheelt een hoop gesjouw en gepuzzel; wat neem
je nou wel of niet mee vanuit Nederland. Je weet vooraf immers
nooit precies welk kunstaas op dat moment goed werkt. En zo kun
je tijdens het vissen eindeloos variëren met je
(kunst)aas-aanbieding, tot je de ‘bingo!’ ontdekt.
Voor het vissen vanaf de boot hadden twee gehuurde boothengels
(een 20 en een 30 lbs Ugly Stick met Penn 330 reels) en een
zware spinhengel (tot 150 gram, dat valt nog onder de ‘lichte’
kant hier). Ik had zelf een ABU 40 grams spinhengel meegenomen.
Deze bleek ook stevig genoeg voor makreel of pollak (categorie
Ultra-Light dus...). Ook had ik een karper- en een strandhengel
bij me. Alledrie in reishengeluitvoering. De karperhengel heb ik
gebruikt voor dobbervissen vanaf de kant. De strandhengel gaat
volgende keer niet mee.
We hebben teruggegooid wat terug kon, al was dat -zeker met de
diepzeevisserij- niet veel (zwemblaas teveel uitgezet of te diep
geslikt). Dus alles wat we niet zelf konden verorberen gaven we
weg. Naarmate de week vorderde werd het drukker aan de
aanlegsteiger als we binnenkwamen. Hapjes en pakken koffie
kwamen onze kant op.
We hebben op veel verschillende stekken rond Kvernepollen gevist
en diverse vismethodes geprobeerd. Ik had weinig ervaring met
deze specifieke manier van visserij. Ik was wel eens eerder
wezen wrakvissen op de Noordzee op 30 meter diepte. En in
Ierland heb ik jaren terug wel eens op 50 meter gevist. Na
anderhalve dag prutsen, regelmatig vastzitten, materiaal
verspelen en proberen, kregen we het steeds beter onder de knie.
Petra: “Aan het begin van de week had ik geen idee waar ik mee
bezig was. Dus tijdens het experimenteren moest Marc mij ook nog
eens de basisbeginselen bijbregen. Alsof ik een privéleraar had
met enorm veel geduld.” Aan eind van de week waren we een
geolied team, verspeelden we steeds minder en vingen we meer
vis. En kregen we door dat de dieptemeter tot ongeveer 100 meter
diepte werkte. Daarna gaf hij standaard 0,2 aan. In het begin
dachten we dat hij stuk was. Later gebruikten we ‘m, samen met
Raffie’s zeekaart, om de diepe randen goed op te kunnen
zoeken...
Op open zee visten we dus diep (100-150 meter, soms nog
veel dieper...). Op of een paar meter boven de bodem met zwaar
lood en haviskeboom en pilkers. Met gummimaks of ander kunstaas,
gecombineerd met een strip makreel als aas er boven als
bijvangers. Tussendoor een paar worpen met de pilker en veertjes
voor verse makreeltjes. Ik heb de laatste paar dagen ook nog een
Esca tussen het paternoster met de bijvangers en de haviskeboom
gezet, net boven het lood. Het resultaat was dat Petra naast me
de grootste vis van de vakantie ving. Ik ving wel ‘veeel meer’
lommen, op den duur een beetje saai. Maar ja...waar lom zit, zit ook leng....... Ook tijdens het vissen op een stek
waar vooral heek zat, maakte de Esca geen verschil. We vingen
beide evenveel en ook ongeveer even groot. Op de laatste dag, op
een andere stek in de fjord, nét voor het vangen van m’n eerste
schelvis (67cm, 2,5 kg), verspeelde ik de Esca. De schelvis ving
ik aan een banaanpilker. Ik twijfel dus nog een beetje over de
aanschaf van een nieuwe voor een probeersel op tong alhier op de
pier.
We hebben ook op een winderige middag een paar uurtjes tussen
de eilandjes gesleept met pluggen. Het was daar aangenaam,
terwijl er zowel op zee als in de fjord veel deining was. Het
leverde een paar pollakjes op. Ik kan me zelfs voorstellen dat
je tussen die eilandjes ook nog met een vliegenhengel aan de
gang zou kunnen. Vast leuk voor de pollak die tegen de avond
vaak hoog in het water actief was. Op open zee vingen we vooral
lom, leng en een hondshaai. Op de fjord vooral heek, schelvis en
koolvis. En tussen de eilanden makreel (overal eigenlijk),
pollak, lipvis en steenbolk. De laatste soorten uiteraard met
(ultra)licht materiaal. Over het algemeen leverden de ochtenden
met de zware visserij de grootste vissen op. De
avonden besteedden we meest aan verkennen van de omgeving en aan
lichte visserij op makreel, zodat we alvast wat aas voor de
volgende dag hadden.
We hebben teruggegooid wat terug kon, al was dat -zeker met
de diepzeevisserij- niet veel (zwemblaas teveel uitgezet of te
diep geslikt). Dus alles wat we niet zelf konden verorberen
gaven we weg. Naarmate de week vorderde werd het drukker aan de
aanlegsteiger als we binnenkwamen. Hapjes en pakken koffie
kwamen onze kant op.
Het mooie van het gebied rond Kvernepollen is dat je altijd wel
kunt uitvaren om comfortabel te vissen. De combinatie van de
zee, het fjord en de eilandjes ertussen bieden mogelijkheden
voor zo goed als elk weer-dan wel wind-type. Petra: “De wekker
stond meestal rond een uur of 6. Dan ging Marc poolshoogte nemen
of het de moeite waard was om mij ook te wekken en zette koffie.
Vervolgens bogen we ons over de kaart om te bepalen wat de beste
plek was om die dag te beginnen. Wind, deining en stroming zijn
allesbepalend. Dat vond ik ook wel het leuke, dat je de hele dag
met de elementen bezig bent.” Het weer verliep meestal in
periodes van een paar uur. Als je dag de vroeg begon had je
meestal een mooie start van een paar uur. Later op de dag stak
de wind vaak op en af en toe kwamen er een paar
regenbuien langs. Tegen de avond werd het meestal weer rustiger
en dan kon je er nog een paar uur lekker op uit tot
zonsondergang, rond een uur of 10.
En die ene regenachtige middag dat het echt niet aantrekkelijk
was om uit te varen. Toen ben ik met m’n spinhengeltje onder de
hoge brug vlakbij Kvernepollen gaan staan. Het water is daar
diep en stroomt sterk. Bij regen sta je lekker droog. Ik heb
daar leuk pollak gevangen met een shadje. En s’avonds na het
eten met een bakkie koffie heb ik ook nog wat gepeuterd met een
dobbertje en een plukje makreel vanaf het balkon van ons huisje
(lipvis en pollak tot 30 cm).
Later tijdens de kampeerweek, ten zuiden van Bergen zo’n beetje
langs de kust tot aan Kristiansand, heb ik vanaf diverse
kantstekken geep, pollak en een zeeforel gevangen. Alles met de
‘Hollandse’ geepdobber met wapperlijn en een stripje haringfilet
of zalmhuid. Ik heb niemand gezien die dit gebruikte, het bleek
echter de enige effectieve manier op de plekken waar ik heb
gevist. Met allerlei kunstaas heb ik niemand iets zien vangen.
Ik heb zelf vergeefs veren, shads, lepels en pilkertjes
gebruikt. Het enige dat tijdens de vakantie nergens is gelukt,
is tijdens totaal twee gerichte middag/avond-sessies een platvis
vangen.
Wij zijn absoluut aangestoken door het Noorwegen-virus en wij
gaan dit zeker herhalen! Petra zei zelfs halverwege de week dat
ze dit ieder jaar wel een weekje wil ;-) ;-) ;-). Laat die grote
vissen maar komen! De eerste records zijn gezet (een stuk of
negen), de kop is eraf. En de lat is alvast op een mooie hoogte
gelegd.











=========================================================
Wilt u zelf op visvakantie
naar Noorwegen ??
ga naar: www.cordestravel.nl
©
copyright 2010 Zeevisland.com, alle rechten voorbehouden
Disclaimer